De strijd tegen ebola: argwaan en hardnekkige geruchten

26 februari 2015

Melle Brinkman, Disaster Risk Management coördinator bij Plan Nederland, is voor een aantal weken in Guinée om het Plan-team daar te adviseren en te ondersteunen in de strijd tegen ebola. Dit is zijn tweede blog uit het veld.

Melle in Guinee4Afgelopen dinsdag vloog ik met een vlucht van UNHAS (UN Humanitarian Air Service) naar Kissidougou, een van de 6 departementen in de Guineese Forest Region waar Plan werkt. We vlogen met een klein vliegtuigje, waarin je door de cockpit de landing kunt volgen. Als ik uitstap op de landingsbaan van rood verhard zand, waan ik mij even in een aflevering van de Flying Docters.
We rijden naar de program unit, één van de veldposten van waaruit Plan de programma’s uitvoert. Ik word ontvangen door unit-manager Agibou, die me voorstelt aan de de rest van de medewerkers. Zij sturen de Plan-vrijwilligers aan en spelen dus een belangrijke rol bij het bestrijden van de ebola-epidemie. En nu gaan ze uitvoering geven aan het programma om ebola te bestrijden dat we afgelopen week hebben ontwikkeld, en waarvoor Plan Nederland financiering heeft gekregen van de Nederlandse overheid. Ik vertel ze er alles over.

Melle in Guinee3Goede ‘business’

‘s Middags gaan we op bezoek bij de ambtenaar die verantwoordelijk is voor de gezondheidszorg in Kissidougou. Ook hier bespreken we ons programma voor de verbetering van het early warning-systeem, waarin gezondheidswerkers een belangrijke rol vervullen. De plaatselijke directeur van het Rode Kruis spreekt vol lof over het werk van Plan, en over het bereik dat wij hebben. Omdat Plan al jaren in de gemeenschappen werkt, heeft Plan een belangrijke rol bij de bewustwording van de mensen over ebola. Later die middag zie ik dat met eigen ogen, in een dorp waar Plan-vrijwilligers voorlichting geven over ebola. Er zijn zo’n 50 mensen aanwezig; kinderen, vrouwen en mannen, jong en oud. De vrijwilligers vertellen vol overgave: hoe de ziekte zich verspreidt, hoe je kunt voorkomen dat je ziek wordt.

Dit soort bijeenkomsten zijn van groot belang, juist omdat er nog steeds veel argwaan is over de aanpak van ebola. Hardnekkige geruchten daarover doen de ronde, bijvoorbeeld over de overheid en medische organisaties die de ziekte met opzet zouden verspreiden omdat ebola een goede ‘business’ zou zijn. De overheid haalt immers veel geld op voor ebola-bestrijding en er zijn mensen die geloven dat ze dat geld in hun eigen zak steken. Een ander gerucht: als er geen ebola meer zou zijn, zouden veel (medische) NGO’s geen werk meer hebben, en daarom zouden ze mensen expres infecteren. Dat zijn lastige geruchten, en gevaarlijke. Twee weken geleden is een auto van Artsen zonder Grenzen in brand gestoken en moesten medewerkers rennen voor hun leven. Plan vervult bij het ontkrachten van dit soort geruchten een essentiële rol, door mensen goed voor te lichten. We werken hierbij ook samen met jongeren uit de gemeenschappen. Het werkt positief wanneer dorpelingen de boodschap van hun medebewoners horen.

Tussen je dierbaren

Later bezoek ik een dorp in Gueckédou dat als een van de eersten door de ebola-uitbraak is getroffen. Een populaire taxichauffeur was besmet geraakt en werd in het dorp verzorgd. Toen hij overleed, bewezen mensen hem de laatste eer. Omdat hij zo populair was, waren er veel mensen op zijn begrafenis, en volgens traditie raakte iedereen het lichaam even aan. Niemand wist toen natuurlijk nog dat het ebola-virus meteen na het overlijden van een zieke het meest besmettelijk is, en zo zijn veel mensen ziek geworden.

In een tweede dorp waar we op bezoek gaan, hebben maar 18 van de 72 mensen die ebola kregen de ziekte overleefd. Het had een tijdje geduurd voordat de mensen zich realiseerden dat het om ebola ging. En in plaats van de zieken naar het behandelcentrum te brengen, gebruikten mensen chloor om hun handen te ontsmetten. Medische organisaties probeerden het dorp te bereiken, maar werden tegengehouden door een versperring van grote houtblokken die op de weg waren gelegd. De dorpelingen wilden niet dat hun zieken werden meegenomen. De kans op overleven is zo klein, redeneerden ze, dat je je laatste dagen dan maar beter tussen je dierbaren kunt doorbrengen, en niet in een steriel behandelcentrum met alleen mensen in ruimtepakken.
Ze wisten toen niet dat chloor weliswaar goed is om handen te ontsmetten, maar onvoldoende werkt om verspreiding van ebola tegen te gaan als een zieke thuis wordt verzorgd. Toen ze daar achter kwamen, omdat steeds meer mensen ziek werden, is het behandelcentrum wel ingeschakeld. De 18 overlevenden uit het dorp, zijn daar allemaal behandeld.

Ebola Kills

De ervaringen uit dit dorp laten zien hoe belangrijk het is om goed en genuanceerd over ebola te communiceren. Er heerst veel angst en dat vraagt om duidelijkheid. De ebola-voorlichtingscampagne van de Guineese overheid gebruikte de slogan ‘Ebola Kills’. Het doel was om mensen te overtuigen van de urgentie en de noodzaak meteen het alarmnummer te bellen bij het vermoeden van ebola, omdat anders veel meer mensen ziek zouden worden. Het werkte averechts. Mensen dachten: als je toch aan ebola sterft, dan liever thuis. Gelukkig wordt er nu beter en duidelijker over de ziekte gecommuniceerd.

 

Inspireer je vrienden

De nadruk van Plan’s werk ligt op duurzame ontwikkeling, maar Plan heeft in de loop der jaren ook grote expertise opgebouwd in kindgerichte noodhulp.

Draag bij!

Doneer aan het Noodfonds van Plan

Jouw bijdrage is hard nodig!

Als een natuurramp of geweldsconflict een van de gebieden treft waar Plan werkt, biedt Plan noodhulp en bescherming en draagt bij aan de wederopbouw.

Jouw bijdrage is hard nodig!