2014 – een jaar in de schaduw van ebola

21 januari 2015

Door Taplima Muana, Plan’s Programme Support Manager in Sierra Leone

Het jaar 2014 begon zo hoopvol in Sierra Leone. De mijnindustrie was booming en de toeristensector zag er veelbelovend uit. Wie had toen kunnen vermoeden dat het een paar maanden later zo anders zou zijn? De komst van ebola bracht een totale en verschrikkelijke ommekeer. Scholen gingen dicht, hele districten werden in quarantaine gesteld en mensen durfden of mochten hun huis nauwelijks uit. Vluchtmaatschappijen begonnen Sierra Leone te mijden, internationale bedrijven sloten hun deuren en de kans op inkomsten uit toerisme zijn voorlopigver verkeken.

Blog Sierra Leone3 201409-SLE-145-lprIn mei 2014 was het officieel. De Wereldgezondheidsorganisatie maakte melding van de eerste ebola-doden in het Kailahun-district in Sierra Leone.Ik belde mijn oom, die woont in de oostelijke grensstad Koindu. “Er bestaat niet zoiets als ebola”, zei hij met overtuiging.
“Maar wat is het dan”, vroeg ik. “Een vliegtuig met heksen, dat ‘s nachts is neergestort? En alle inzitttenden omgekomen?”
Voor mijn oom was de hekserijverklaring de meest logische.
In 1991, toen de rebellie uitbrak in dezelfde grensstad Koindu, ontkenden de bewoners van de hoofdstad Freetown dat er een oorlog was begonnen. En nu weigerden mensen opnieuw om de verschrikkelijke realiteit – ebola – onder ogen te zien. Sommige waarheden zijn misschien te erg om te geloven.

Juni 2014

Ik belde mijn familie in Bo, in het zuiden van Sierra Leone, om te zeggen dat ze voorlopig niemand – ook geen familie – in hun huis moesten toelaten. Mijn tante belde me de volgende dag terug om me te vertellen dat haar zoon net terug was gekomen uit Kailahun. Hij had helemaal niets gezegd, maar was met zijn koffer naar zijn oude kamer gegaan.
“Je had hem niet binnen moeten laten”, zei ik verontwaardigd. “Hij kan wel ebola hebben.”
Het was even stil aan de andere kant van de lijn. Toen zijn mijn tante boos: “Maar hij is mijn zoon!” Ik drukte mijn tante op het hart om haar zoon voor de zekerheid toch als mogelijk ziektegeval te behandelen. “Laat niemand op zijn kamer en houdt hem goed in de gaten. En als hij symptomen van de ziekte krijgt, moet je meteen het ebola-alarmnummer bellen.”
Mijn tante beloofde me goed op te letten en toen we hadden opgehangen, kon ik mezelf wel voor mijn hoofd slaan. Hoe had ik zo hard kunnen zijn? Maar tegelijkertijd wist ik: ebola bestrijd je niet met medeleven.

Drie weken later, nadat de incubatietijd voor ebola was verstreken, belde ik mijn tante opnieuw voor een laatste check. “Met hem is niets aan de hand”, vertelde ze opgewekt. “Ons enige probleem is de buurman. Die is gisteren aan ebola overleden en zijn huis staat onder quarantaine.” Ik voelde de grond onder mijn voeten wegzakken. Het huis van de buren is maar een steenworp van het huis van mijn tante. En alle buurkinderen komen ’s avonds bij haar televisiekijken.

Oktober 2014

Zelfs met de dagelijkse doden en de gillende sirenes van de af en aanrijdende abulances in onze dorpen, bleven we allemaal hopen dat onze families gespaard zouden blijven. We deden wat we konden, controleerden elke dag onze temperatuur en probeerden om optimistisch te blijven.

Blog Sierra Leone2 201409-SLE-07-lprAls onderdeel van ons ebola-noodhulpprogramma opende Plan Care Units in de zwaarst getroffen gebieden. Ik heb een paar van deze centra bezocht en zag hoe de gezondheidswerkers alles deden om patiënten in leven te houden. Wat een moed hebben deze mensen om te blijven helpen, met gevaar voor eigen leven.

December 2014

Eind december was het aantal bevestigde ebola-gevallen in Sierra Leone gestegen tot ruim 7000. Maar onze hoop dat we de opmars van ebola konden stoppen groeide met de toename van het aantal Plan-medewerkers om te helpen, teams die toezien op veilige begrafenissen, voorlichtingscampagnes en nieuwe Community Care Units die werden geopend.
Hoewel het aantal zieken nog steeds toeneemt, putten we ook hoop uit het feit dat in Kailahun, de streek waar de ebola-uitbraak in Sierra Leone begon, al een paar weken geen nieuwe ebola-gevallen zijn voorgekomen. Maar de strijd is nog lang niet voorbij.

2015 – na ebola?

De scholen in Sierra Leone zijn al maanden dicht en ik zie de tol daarvan bij mijn kinderen. Zij moeten binnen de hekken van onze compound blijven en mijn zoon van 11 klaagt dat hij niet kan spelen met zijn vrienden. Ik begrijp hoe moeilijk dat voor hem is, maar ik kan hem niet de vrijheid geven zolang de kans bestaat dat hij ebola oploopt.

Ebola heeft heel veel problemen gebracht en het is een enorme uitdaging daar oplossingen voor te vinden. De uitspraak van een man die ik ontmoette bij een van mijn bezoeken aan de gemeenschappen waar wij werken, blijft me bij. Hij zei: “De enige manier om ebola het hoofd te bieden is prioriteit te geven aan onderwijs en voorlichting. Want ook als de huidige epidemie voorbij is, zullen we vaker met ebola te maken krijgen. Iedereen moet dan weten wat ze moeten doen om besmetting en verspreiding te voorkomen. Zo pakken we ebola aan bij de wortel, niet bij de takken.”

Inspireer je vrienden

De nadruk van Plan’s werk ligt op duurzame ontwikkeling, maar Plan heeft in de loop der jaren ook grote expertise opgebouwd in kindgerichte noodhulp.

Draag bij!

Doneer aan het Noodfonds van Plan

Jouw bijdrage is hard nodig!

Als een natuurramp of geweldsconflict een van de gebieden treft waar Plan werkt, biedt Plan noodhulp en bescherming en draagt bij aan de wederopbouw.

Jouw bijdrage is hard nodig!